Een leuker leven door data en design?

Data is een magisch begrip. Het is zo veelzijdig en abstract dat het soms wat weg heeft van een Zwitsers zakmes. Met data kun je alles oplossen. Om het woord nog meer magie te geven gaat het steeds vaker over Big Data, want data alleen benadrukt de potentie niet goed genoeg. Maar wat kun je er nu mee? Data is afhankelijk van betekenis, context en interpretatie. Zonder betekenis is er vooral veel data en weinig waarde.

Deze post geschreven in 2012 na het geven van een presentatie op Incubate kwam ik tegen in de archieven van dit blog en was nog niet eerder gepubliceerd, maar na meer dan een jaar nog grotendeels relevant. Dus bij deze.

Hoe meer we opslaan en meten, hoe meer we optimaliseren. Alles dat je meet zul je nu eenmaal proberen te verbeteren. Ik kan meten hoeveel auto’s er langs mijn huis rijden en deze data maanden of jaren verzamelen. Maar hier hangt nog geen betekenis aan. Wil je er echt iets mee kunnen doen is dan is er context nodig. En hier komen we op het gebied van design. Hoe iets werkt, wat het laat zien en wat het niet laat zien. Design geeft betekenis en mening aan data. Door design bepaal je de werking van een product of dienst.

Design en data liggen heel dicht bij elkaar. Ze versterken elkaar en in een diensteneconomie kunnen ze vrijwel niet zonder elkaar. Data en design maken diensten beter.

Technologie op zak
Eén richting springt er uit, omdat die voor iedereen op gaat. Technologie gaat steeds dichter op ons lichaam zitten. Altijd een telefoon in je jas of broekzak, de hele dag verbonden met het web. Een armband van Nike om je pols of Fitbit in je zak om te meten hoeveel je beweegt. Én als het aan Google ligt hebben we binnenkort met een videobril op.

Technologie komt dichterbij het scherm wordt steeds persoonlijker en intiemer. Van computer naar telefoon naar bril. We zijn bereid via sociale netwerken meer data gecontroleerd te delen met groepen en tegelijk willen we weer privacy op data die we niet controleren. Bijvoorbeeld via cookie wetgeving.

Persoonlijk is er steeds meer mogelijk. Het leuke aan dit gebied is dat het nog zo open en ongedefinieerd is. We kunnen en durven steeds meer te meten en delen. Tegelijk ontdekken we dat alles dat meetbaar maakbaar is. Ook ons lichaam.

Een groep techniekliefhebbers en designers stort zich op de Quantified Self. Je leven leuker door data en design.

Data en inzicht
Er zijn twee aanvliegroutes om een product te maken. Je begint met meten en zoekt naar een inzicht in de data. Bijvoorbeeld door alle gelopen stappen in een database op te slaan. Of je begint met een duidelijk doel of een inzicht. Ik wil gezonder gaan eten of meer gaan bewegen. Vervolgens helpt de data ons om dichter bij het doel te komen.

Data en inzicht

De grootste uitdaging; design
Qua techniek kun je heel erg veel. Maar wat is de toepassing. Design is keuzes maken. Wat kan je product wel, en misschien nog belangrijker wat doet je product of dienst niet. Design is betekenis geven. Door een grafiek, schaal of weergave geef je interpretatie aan data. Je geeft mening.

Welk probleem los je op. Hoe doe je dit en wat voeg je toe, op korte en lange termijn?

Een goed voorbeeld is de stappenteller Fitbit. Aan het begin is het heel interessant. Ineens zie je hoeveel stappen je op een dag loopt. Fitbit geeft je direct een doel, 10.000 stappen per dagen lopen. Door het stellen van een doel en realtime inzicht geven in de voortgang ontstaat iets dat in ieder geval een tijdje interessant is. Na een paar weken weet je wel hoe het werkt. Doelen zijn gehaald, naar beneden bijgesteld of ineens niet zo belangrijk meer. Vahe Kassardjian en Rafi Haladjian noemen dit crossing the data desert.

Crossing the Data Desert

Een veel voorkomend probleem bij ‘tracking’-diensten. In het begin is het allemaal spannend. Na een tijdje heb je het inzicht en is de spanning weg. Je vergeet het te gebruiken en stopt er mee. Maar vaak komt op lange termijn een tweede inzicht. Het moment dat de data begint op te tellen. Wat als je je stappen al drie jaar meet? Dan weet je bijvoorbeeld dat je in de winter minder loopt dan in de zomer, dat het verwisselen van baan slecht is geweest voor de hoeveelheid beweging of dat die verhuizing juist heel goed was.

Als je een dienst ontwerpt moet er dus iets leuks zijn op korte termijn, maar het moet ook waardevol blijven op lange termijn. Doelen moeten concreet zijn en resultaten te behalen. Technologie moet je ondersteunen en niet in de weg zitten. Wat is het voor iemand waard om dagelijks gegevens in een formulier in te voeren? En hoe lang levert dat iets op. Als het te weinig oplevert wordt het huiswerk en daar zit niemand op te wachten.

Tips

  • Bedenk wat je wilt veranderen of op wilt lossen
  • Heb je geen idee, maar een gevoel dat iets interessant kan zijn. Begin gewoon eens met meten
  • Blijft het lang interessant en als het niet zo is. Kan je dit maken?
  • Wat is het inzicht?
  • Wat levert het op?
  • Wat kost het voor iemand aan inspanning?

Tools

  • Google Forms is een ideale manier om zelf eenvoudig en op regelmatige basis data te registreren.
  • AntiMap software laat je eenvoudig data uit de bewegingssensoren van je iPhone omzetten naar een Excel sheet.

Incubate
Dit artikel is het gevolg van een presentatie op Incubate 2012.

Share this post
Tweet about this on Twitter0Share on Facebook0Share on Google+0Share on LinkedIn0Email this to someone