Waarom designers belangrijk zijn voor je strategie en team?

Deze post met het antwoord over waarom er nu zoveel vraag lijkt te zijn naar designers schreef ik voor de Marketingfacts website.

Het gaat lekker met de designindustrie. Designers zijn gewild bij startups of starten er zelf één. Zelfs Google – de technologie gedreven partij bij uitstek – maakt een ommezwaai door gedeeltelijk af te stappen van het icrementeel innoveren door een designteam grote verantwoordelijkheid over de strategie te geven.

Orders of Design
Maar hoe komt het dat de impact van designers lijkt toe te nemen? Professor Richard Buchanan legde 20 jaar geleden de grondslag aan een model (PDF) wat is uitgegroeid tot zijn Orders of Design. In zijn model zet hij verschillende definities van design en hun impact uiteen.

Orders of Design
Buchanan’s Orders of Design, ook wel aangeduid als: 2D, 3D, Proces, Purpose. Afbeelding: NirandFar

In Buchanan’s model gaat design in de eerste laag over symbolen en afbeeldingen. In de tweede laag gaat design over objecten. Productdesign is groot geworden met de opkomst van massa-productie en het fabrieksmatig produceren. Het ontwerpen van objecten werd een apart onderdeel in deze periode en kwam los te staan van het productieproces.

Human Computer Interaction
In de derde laag is er sprake van Human Computer Interaction, een vakgebied opgekomen met de computer dat we inmiddels beter kennen als interaction design. Het vakgebied gaat al lang niet meer gaat over het vormgeven van de interactie met zo’n bruine kast onder je bureau. Met het verkleinen van computers en schermen neemt de omvang van het veld toe. Smartphones, draagbare sensoren, bewegingssensoren, spraakactivatie, projectiebrillen.

De vierde laag gaat over het ontwerpen van systemen en omgevingen. Design meer als een strategie, bekend als design strategie of design thinking.

De laatste twee lagen zijn sterk gekoppeld aan de opkomst van technologie en de netwerksamenleving. En daar zit de grote impact van designers. Want wat als alles communiceert?

Schoenen
Een goed voorbeeld is de schoen. Nike is groot geworden met het communiceren van de kwaliteit, de beleving die bij een schoen hoort en het slim organiseren van het productieproces. Buchanan’s eerste en tweede laag.

Inmiddels zien we dat de onderscheidende ruimte hierin op is. Productieprocessen kunnen nog slecht verder geoptimaliseerd worden en van marketing wordt wetenschap gemaakt.

Tegelijk wil de koper van de schoen meer weten. Vanuit een cradle to cradle-perspectief wordt gekeken naar de footprint van de schoen. Hierdoor neemt de impact van design op het productieproces toe. Het gaat niet alleen om een goed te produceren schoen, maar ook wat blijft er achter na het gebruik? Dit geldt niet alleen voor de schoen, maar ook voor de verpakking.

Het design-proces gaat verder. Meer onderdelen in het proces en de beleving moeten ontworpen worden. Niet alleen kun je zelf je schoen ontwerpen. Je schoen heeft een interactief ecosysteem gekregen waarmee je door je smartphone inzicht krijgt in gedrag. Je schoen is onderdeel van een geheel.

De doelstelling is niet alleen meer schoenen die lekker lopen. Het doel is ambitieuzer geworden. Het doel is beweging stimuleren, een gezond leven. Gevoed met ideeën uit de 3e en 4e laag uit het model van Buchanan.

In de strategie om dit doel te bereiken passen zelfs andere producten dan de schoen. Het gaat tenslotte om het doel, de experience en minder om de het oorspronkelijke product, dat is voorwaardelijk geworden.

Strategie
Veel innovatie gebeurd vanuit een bestaand concept of toepassing. Hoe kunnen we 10% besparen op productie of 10% groeien per jaar. Hier is veel te halen, maar het ene sluit het andere niet uit.

Google gebruikt het zogenaamde “Moonshot Thinking“. Hierbij worden doelstellingen buiten een op het eerste gezicht realistisch kader gezet.

Moonshot thinking gaat over schaalbaarheid. Hoe kun je iets 10x beter maken. Dus bijvoorbeeld in plaats van 20 kilometer op 1 liter benzine rijden, 200 kilometer op 1 liter. Het uitvergroten van het probleem laat je kijken naar andere oplossingen. Het ligt niet voor de hand dat je het bestaande concept van een motor nog eenvoudig kunt optimaliseren dat je 200 kilometer kunt rijden op 1 liter brandstof. Dit vraagt om helemaal opnieuw na te denken over de energie die nodig is om jezelf te verplaatsen.

Deze methode is vergelijkbaar met andere “design thinking“-achtige methodes. In plaats van te kijken naar wat je hebt zet je een stip op de horizon en zorg je ervoor dat je naar een ambitieus doel gaat werken en je niet te snel tegen laat houden door praktische bezwaren, waardoor er bijzondere oplossingen nodig zijn.

Eén geheel
Designers passen goed in teams die grote problemen met onduidelijke oplossingen willen aanpakken. Ze denken in een holistische aanpak en zijn gewend te schakelen tussen abstract en toegepast.

Technologie is complex, innovatie is chaos, én overal. Daar waar onderdelen in bedrijven vaak opereren als afgesloten units, communiceert nu alles. Nieuwe businessmodellen komen vrijwel net zo snel op als oude verdwijnen. Het is geen vanzelfsprekendheid meer dat een bedrijf dat honderd jaar bestaat er over tien jaar ook nog is.

Het is de kracht van designers om orde te brengen. Diensten te ontwerpen die we begrijpen, maar tegelijk zoveel mogelijk kansen benutten. Zoek mensen in je team die kunnen schakelen van het grote geheel naar de details. Alles communiceert tenslotte, niet alleen je product.

Share this post
Tweet about this on Twitter0Share on Facebook0Share on Google+0Share on LinkedIn0Email this to someone